potje

“Ouders moeten kind sneller op het potje zetten”

Te veel ouders wachten te lang met hun kind op het potje te zetten. Hiermee wordt het risico op stoelgangproblemen vergroot, aldus experts van de Universiteit Antwerpen. Wist je trouwens dat kinderen in Nederland veel later zindelijk zijn dan in onze buurlanden? Wij leggen uit hoe dat komt en geven tips om je kind eerder zindelijk te krijgen.

Ouders leren hun kinderen op steeds latere leeftijd op het potje te gaan. Daardoor krijgen kinderen vaker last van buikpijn en constipatie. “Je maakt de stoelgang het gemakkelijkst door gehurkt te zitten” geeft prof. Dr. Alexandra Vermandel, diensthoofd van het UZA aan. “Kindjes die te lang in een luier rondlopen, zijn het niet gewend om zo te gaan zitten. Integendeel.

Ze zijn zo gehecht geraakt aan hun luier dat ze geen grote boodschap durven te maken als ze geen tegendruk van de luier voelen”. Dat kan in sommige gevallen zelfs leiden tot een ziekenhuisopname. “Na 27 maanden is de kans groot dat het kind niet meer wil meewerken aan de zindelijkheidstraining”, weet Stefan Dewachter van het UZA, die verbonden is aan de Universiteit Antwerpen.

In extreme gevallen ontwikkelen kinderen een dusdanig ophoudgedrag dat de darmen uitgespoeld moeten worden. Begin dus op tijd met zindelijkheidstraining.

Maar hoe zit dat nu in Nederland? Kinderen in Nederland zijn gemiddeld een stuk later zindelijk dan kinderen uit de buurlanden. Hierbij speelt de leeftijd waarop kinderen naar school gaan een rol. De meeste scholen verplichten kinderen om zindelijk te zijn zodra zij naar school gaan.

Dit legt een bepaalde druk op bij de ouders, die dan op tijd starten met zindelijkheidstraining voordat het kind naar school gaat.

In België kunnen kinderen al vanaf 2,5 jaar naar de kleuterschool en in Duitsland gebeurt dat met 3 jaar. Kinderen in deze leeftijd zijn in de meeste gevallen ook rond die leeftijd zindelijk. In Nederland gaan kinderen pas rond hun 4e naar school. Het gevolg?

Ouders wachten veel te lang en beginnen pas met zindelijkheidstraining als de schooltijd voor hun kinderen in zicht komt.

Een ander aspect wat meespeelt is dat kinderen vaker naar een kinderopvang gaan, waar minder persoonlijke aandacht is voor zindelijkheidstraining.

Hoe wordt je kind sneller zindelijk?

Zodra je kindje zindelijk is, hoef je geen luiers meer te verwisselen. Bedenk je eens hoeveel werk en geld dat scheelt! Wij geven je tips hoe je het proces van zindelijkheid een handje kunt helpen. Maar onthoud wel: je kindje moet er fysiek en mentaal ook klaar voor zijn! Allereerst moet je kindje bewust worden van het plassen en poepen.

Dit kan bijvoorbeeld door je kind alvast na elke maaltijd op het potje te tillen, of met mooi weer je kindje lekker naakt buiten te laten lopen. (Men zegt niet voor niets om in de late lente of zomer te beginnen met zindelijkheidstraining). Hierdoor zien kinderen het opeens als zij plassen of poepen en worden zij er meer bewust van.

Daarnaast kun je wasbare luiers (gaan) gebruiken. Kinderen die wasbare luiers gebruiken voelen eerder het ongemak van hun behoefte en zullen zich daarvan eerder bewust zijn. Zodra je kindje er fysiek klaar voor is, dat wil zeggen: hij of zij voelt de aandrang en heeft voldoende controle over de sluitspier, komt de volgende stap.

Kinderen moeten zelf de zin inzien van het potje en de wc en afstand willen doen van de vieze luier. Laat je kindje zien hoe zijn ouders en/of broers en zussen dat doen. Kinderen kopiëren vaak het gedrag van anderen! Daarnaast kun je je kindje op een positieve manier aanmoedigen en hem of haar stimuleren om op het potje te gaan.

Doe dit echter absoluut niet met dwang, want dat werkt alleen maar averechts. Een bekende manier is de ‘stickerkaart’. Geef je kindje na elke keer op het potje een sticker en bij een volle kaart mag hij/zij een cadeautje uitzoeken. Complimenteer je kindje ook na elk bezoek aan het potje en laat hem of haar voelen dat ze goed bezig zijn.

Andere tips die je kunt volgen:

  • Lees boekjes voor over zindelijk worden en op het potje gaan. 
  • Laat je kind spelen met het potje en zet het potje op een toegankelijke plek in huis neer. Probeer je kindje ook duidelijk te maken dat hij/zij erop kan zitten wanneer hij/zij maar wil. 
  • Probeer vaker op vaste tijden even op het potje te gaan zitten. Bijvoorbeeld na het eten of op de momenten waarop je kindje meestal een natte luier heeft. 
  • Geef je kind rustig de tijd als hij/zij op het potje zit. 
  • Maak geen drama van ongelukjes. Dit hoort erbij, dus wordt vooral niet boos op je kindje. Ons advies: besteed er gewoonweg niet teveel aandacht aan. 
  • Kleed je kindje aan met kleding die makkelijk aan en uit getrokken kunnen worden. Dus liever een losse onderbroek in plaats van een romper. 
  • Gebruik een wc-verkleiner, zodat je kindje gemakkelijk op de wc kan zitten en dit niet als onprettig ervaart doordat hij/zij bijna achterover kukelt.

Tot slot: forceer niets en verwacht niet dat het in 1x goed gaat. Zoals in veel dingen in het leven gaat ook deze periode in fases en kan het best zo zijn dat je kindje een ‘terugval’ heeft. Geen probleem, probeer het later weer opnieuw, het gaat echt wel lukken!

Lees ook onze handleiding voor Zindelijkheid.

Zindelijkheidstraining met potje

De 8 beste tips die helpen bij de zindelijkheidstraining

De zindelijkheidstraining van je kind is een belangrijke stap naar zelfstandigheid. Van luier naar potje naar wc, en dat dan uiteindelijk zelf gaan doen. Maar het is voor veel ouders een proces waar veel onzekerheid bij kan komen kijken. Er is geen bepaalde leeftijd voor, waarop je zou moeten beginnen met de training, het ene kind pakt het sneller op dan het andere. En er is geen vast omschreven methode voor. Je zou graag enkele handvatten voor het helpen zindelijk maken van je kind hebben. Dus hier volgen 8 zindelijkheidstraining tips.

Tip 1: Is je kind er aan toe?


Het belangrijkste om rekening mee te houden, is of je kind er, zowel fysiek als mentaal, aan toe is om zindelijk te worden. Dit gebeurt meestal zo rond anderhalf tot twee jaar. Toch is dit afhankelijk van het kind, het kan ook later zijn. En het proces kan ook enige tijd in beslag nemen. Soms hoor je een kind opmerken dat hij genoeg heeft van de luier en dan kun je zien dat hij of zij nieuwsgierigheid toont naar de wc. Daar kun je als ouder dan op inspelen.

Hieruit blijkt dat zindelijkheid een natuurlijk proces is. Het heeft geen zin het te gaan trainen als je kind er niet aan toe is. Dus toont je kind interesse, dan kun je je kind hierin begeleiden. Merk je dat dit er nog niet is, laat het dan nog even rusten. Te vroeg beginnen leidt over het algemeen later tot problemen.

Tip 2: Speel in op nieuwsgierigheid


Hoe speel je in op de nieuwsgierigheid van je kind? Vaak zijn kinderen heel nieuwsgierig naar het potje. Ze gaan er graag op zitten. Doen ze dit met een luier om? Ook geen probleem. Laat ze eerst kennis maken en doe dit zonder er enige druk op te zetten. Laat je kind ook boekjes lezen over het potje, zindelijkheid en de wc. Zo krijgt je kind op een speelse manier meer informatie. Langzaamaan kun je kijken of je je kind dan zonder luier op het potje kunt laten zitten. Dit kun je ook goed laten samenvallen met het seizoen.

Zindelijk worden is een stuk makkelijker in de late lente of zomer. Loopt je kleine hummel in zijn blootje of in ondergoed in de tuin en moet hij plassen, dan kun je snel ter plekke zijn met het potje. Op deze manier wordt je kind sneller bewust van wat er gebeurt en zul je merken dat het zindelijk worden makkelijker gaat. Let gedurende de dag goed op of hij tekenen geeft dat hij moet plassen. Dan kun je hem er snel op zetten. Vallen er wat druppeltjes in, dan is daar de eerste stap. Vergeet niet te juichen en te laten merken dat dit iets is om trots op te zijn!

Tip 3: Kennismaking met de wc


Als je kind eenmaal op het potje kan, kun je gaan overschakelen naar de wc. Dit is best een grote stap, sommige kinderen vinden het eng. Let op dat je in dit geval niets forceert. De angst van je kind is misschien moeilijk te begrijpen, maar is niet iets om te negeren. Het is beter om alle stapjes rustig te nemen: laat je kind kijken, voelen, leg uit wat er precies gebeurt.

De eerste stap kan zijn, om als je kind iets op het potje heeft gedaan, het plasje samen door de wc te spoelen. Neem de tijd voor elke stap en kijk of je kind er plezier in heeft. Gaat dit goed, dan kun je je kind op de wc laten zitten. Gebruik een wc-bril verkleiner, daar kan je kind beter op zitten en dan is het minder eng. Elk kind heeft zijn eigen tempo nodig en het is goed de zindelijkheidstraining kind hierop aan te passen. 

Tip 4: Trainingsbroekjes


De makkelijke trainingsbroekjes kunnen helpen bij het proces je kind zindelijk te maken. Omdat je kind deze zelf kan aan- en uittrekken, helpt dit bij het zelfstandig naar de wc of het potje gaan. In deze luiers voelen kinderen het ook beter als ze er iets in gedaan hebben. Dit helpt bij het bewust worden. Je kunt je kind ook beter bij het zindelijk worden betrekken. Laat hem zelf het schone trainingsbroekje aantrekken als hij geplast heeft. 

Tip 5: Geduld is nodig


Doordat dit een proces is waar je als ouders niet goed grip op hebt, is het moeilijk om mee om te gaan. Je moet je werk doen, het huishouden, en elke keer vieze broeken en onderbroeken maken het niet prettiger. Je zou liever zien dat het snel ging en soms lijkt het eerder slechter dan beter te gaan. Maar haast heeft hier geen plaats. Zoals gezegd is het een natuurlijk proces en soms lijkt er een terugval te zijn.

De zindelijkheidstraining kind gaat om een bewustzijnsproces. Er gebeurt zoveel in een kinderleven, zindelijk worden is hier maar een klein stukje in. Daarom kan ook wat er in het leven van je kind speelt, hierop van invloed zijn. Dus merk je dat er een terugval is, wees je er dan van bewust dat je kind nog steeds bezig is met het proces. Geef het de tijd en je zult merken dat ongelukjes steeds minder vaak zullen voorkomen. 

Tip 6: Belonen


Het is belangrijk je kind te laten merken dat het goed gaat. Natuurlijk is belonen met je stem en houding al goed. Reageer enthousiast bij elke stap en wees bemoedigend. Je kunt er ook voor kiezen om een zichtbare beloning te geven, dat kan net een extra stimulans voor je kind zijn: een snoepje of sticker of wat geld in een spaarpotje. Om het nog mooier te maken, kun je aangeven dat bij vijf of tien stickers er een bijzondere verrassing komt. Denk aan een uitstapje naar de speeltuin of een mooi cadeautje. 

Tip 7: Ga stap voor stap


Plassen is vaak het gemakkelijkste voor kinderen. Dat is wat het eerste in het potje zal belanden. Soms duurt het voor poepen iets langer. Soms blijkt dat een kind zelfs bang is voor het poepen. Het kind kan geheel onbewust blokkeren. De ontlasting wordt gezien als een stuk van zichzelf en het is eng dat los te laten. Soms helpt uitleggen hoe het lichaam werkt. Soms heeft je kind gewoon meer tijd nodig. Het kan ook zijn dat je kind zich niet goed bewust is van het gevoel dat hij moet of dat gevoel negeert. Vraag indien nodig raad aan een huisarts of het consultatiebureau. Voor alles tijdens de zindelijkheidstraining is het van belang dat je niet boos wordt als er een ongelukje gebeurt. Negeer het ongewenste gedrag (het ongelukje) en beloon als het goed gaat.

Tip 8: Herinner je kind aan een wc bezoekje

Het kan een poosje duren voor je kind helemaal zindelijk is. Hoewel het bij sommige kinderen snel gaat, is het nog een poosje nodig dat je je kind helpt herinneren aan een toilet bezoekje. Een peuter kan helemaal opgaan in zijn spel en hoort dan de signalen van zijn lichaam niet. Help je kind daarom en herinner hem of haar enkele keren per dag aan het feit dat hij nog eens naar de wc moet gaan. Dit is natuurlijk ook handig als je weggaat en een autorit voor de boeg hebt. Misschien is het nodig om je kind verplicht even op de wc te zetten. Dat kan ongelukjes voorkomen. Ook de zindelijkheidstraining peuter blijft een proces waar je tijd en aandacht aan zult moeten besteden.

Begeleid je kind in het proces van zindelijk worden


Of je nu bezig bent met de zindelijkheidstraining peuter of een dreumes, het is altijd belangrijk op te letten of je je kind niet dwingt verder te gaan dan hij aankan. Dwang of straf hebben in dit proces geen nut. Belonen werkt beter. En vooral begrip en inlevingsvermogen zijn wat je echt nodig hebt.

Met deze 8 zindelijkheidstraining tips heb je goede handvatten om je kind te begeleiden in dit proces. Maak gebruik van de nieuwsgierigheid van je kind, beloon veelvuldig en maak je geen zorgen om een kleine terugval. Geef je kind de tijd en de ruimte om hier mee te leren omgaan. En vertrouw op je kind en dit natuurlijke proces.

Meer weten? Lees ook onze handleiding voor zindelijkheidstraining